
Ik zit op Geestmerambacht.
Bram onderzoekt een bot alsof er staatsgeheimen in verborgen zitten. Voor mij ligt een verhaal over vier onderbroeken, een gesloten Karwei en een maat die naar Commitment and Acceptance Therapie ging. Toen we vanochtend vertrokken wist ik nog niet dat het daarover zou gaan. Ik wist eigenlijk niet eens waar het over zou gaan.
Ik had een maat beloofd te helpen. Hij moest een pakket ophalen in een dorp verderop. “We moeten naar de Karwei.”
Al die pakketbezorgers worden blijkbaar zo uitgeknepen dat ze alles het liefst meteen bij een afhaalpunt droppen. Zijn band was lek en een week geleden had hij al gevraagd of ik kon helpen. “Voorband of achterband?” “Achterband.” Ik vertelde hem over het pallettafeltje.
Wij gingen vroeg op pad.
Ik wil ook iets aan mijn dag hebben.
Bij de Karwei bleek de winkel dicht. Gelukkig was de pakkettenkluis open. QR-code en je weet alles. Hij kwam aanlopen met een grote doos. Dat was veelbelovend. Het bleken onderbroeken. “Ja, in de uitverkoop,” zei hij, alsof hij zich moest verantwoorden.
Op de terugweg vroeg hij: “Doen we een bakkie bij jou of bij mij? Ik heb rond elf uur een afspraak.” “Bij mij. Daar is de koffie tenminste te drinken. Maar dan breng ik je niet meer naar huis. Ik wil aan de slag.” “Met wat dan?” “Met dingen.”
We speelden twee potjes. Gewoon uit de losse pols.
Toen zei ik: “Ik moet zelf ook nog een pakketje wegbrengen. Ik breng je eerst wel naar huis.” “Kan je me niet naar Station Noord rijden? Ik heb daar die afspraak.” “Ik ben geen taxichauffeur, maat.”
“Heb je eigenlijk al gegeten?” “Nee, eigenlijk niet.” “Boterhammetje?” “Wat je hebt.” “Pindakaas. Met komkommer en uitje, desnoods.” “Ik lust geen pindakaas.”
Op dat moment wist ik dat onze kameraadschap geen lang leven beschoren was.
“Weet je wat,” zei ik, “ik rijd je naar Station Noord. Maar eerst brengen we mijn pakje weg. Ik neem Bram mee, want die moet straks weer uit. Let jij even op hem in de auto.” “Wat voor afspraak heb je eigenlijk?” “Een intake voor Commitment and Acceptance-therapie.” Ik wist dat dit geen slecht idee was.
Mijn pakjesdealer was de baas van een grillroom annex toko annex bezorgservice annex weet ik veel. De man kon mijn QR-code niet scannen. Ik moest mijn scherm uit dark mode halen. Daarna lukte het nog steeds niet. Hij probeerde een andere handscanner. Ik kreeg geen bewijsbon. Wel zei hij een keer of vijf: “Komt in de mail.” Mijn Turks is niet optimaal.
Even later liep hij richting station.
Op weg naar Commitment and Acceptance Therapie.
Onder zijn arm een doos met vier afgeprijsde onderbroeken.
Plaats een reactie