Gisteren liep ik meer dan in de afgelopen maanden bij elkaar. Niet omdat ik dat wilde, maar omdat mijn jongste dochter zei: “Kom, we gaan naar het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam.”
Tien jaar niet gedaan.
Tien jaar!
Ze liep voorop alsof ze het gebouw bezat. Ik waggelde er met mijn rollator achteraan, in de waan dat ik er toch charmant, hip and happening uitzag.

In de hal hing een potvisskelet.
Een joekel.
Ik keek omhoog en dacht: jij hebt minder botten dan ik straks pijnlijke spieren.
Hij lag daar, gestrand bij Texel in 1953, al zes jaar dood voor ik geboren werd.
Ik dacht: misschien is dit troostrijk. Misschien ook niet.

We dwaalden door zalen vol opgezette vogels, een bever met de blik van iemand die net te laat is voor de trein en een vitrine met iets dat “braakbal” heette.
Mijn dochter bleef regematig staan, schetste in haar schetsboekje wees dingen aan, ik knikte alsof ik alles wist, maar eigenlijk dacht ik: hoe ver is de uitgang? En: waarom voelt mijn linkerknie ineens zo aanwezig?

Mensen zeggen: “Wandelen? Dat is toch gewoon lopen?”
Onzin.
Gisteren bewees het tegendeel.

Een gewoonte opbouwen is een hel
Ze zeggen: “Daar wen je aan.”
Onzin.
Volgens de onderzoekers kost het zesenzestig dagen. Bij mij eerder zeshonderdzesenzestig.
En net als je denkt: nu ben ik op weg, komt er iets tussen. Een verkoudheid. Regen. Of een dochter die zegt: “Kijk pap, dit moet je zien,” en je drie kilometer later weer voor die potvis staat.

Lichamelijk ongemak: kuiten als waslijnen in de wind, bovenbenen die zacht gloeien, voeten die lijken te groeien.
Geestelijk ongemak: mensen kijken. In de stad kijken ze alsof je iets hebt gestolen. In het museum kijken ze alsof je elk moment een opgezette mus gaat aaien.

Iedereen zegt: rustig opbouwen.
Maar zodra je hoort dat wandelen het risico op een vroege dood met vijftig procent verlaagt, wil je meteen tweehonderd procent leven.
Tien minuten? Nee.
Dik twee uur door een museum, lift in, lift uit, langs dat potvisskelet dat intussen lijkt te grijnzen.

Darren Kinahan-Goodwin

Thuis probeerde ik mijn schoenen uit te trekken, maar ze klemden zich vast alsof ze bang waren voor de kou van de vloer.
Na twee weken wandelen verandert er weinig. Behalve dat je de trap afgaat alsof je net tien keer de Erasmusbrug op en af bent gelopen. En dat je ineens heel gedetailleerd kunt uitleggen wat een braakbal is.

Je denkt dat je lekker bezig bent, tot je verzonnen zus zegt dat ze “maar” vijftien kilometer heeft gelopen vandaag. Of je ziet iemand online die in drie weken wandelen twaalf kilo kwijt is.
En jij? Jij voelt je stoer omdat je het Natuurhistorisch Museum zonder brancard hebt verlaten.

Op de terugweg in de auto viel mijn hoofd even tegen het raam.
Mijn dochter zat naast me, glimlachte en vertelde over een vogel die zijn eigen nest uitwerpt om ruimte te maken.
Ik dacht: sommige mensen doen dat ook.

De stad schoof langs, trager dan ik me herinnerde. Mijn benen gloeiden nog steeds.
En daarboven, ergens in Rotterdam, hing een potvis. Dood sinds negentienhonderddrieenvijftig.
Ik dacht: liever geen skelet in een museum worden. Liever benen die protesteren.

3 reacties op “Het Museum, de Potvis en Waarom Wandelen Moeilijker is dan je Denkt”

  1. Uit luiigheid gebruik ik vooral mijn fiets.

    Vooral om lopen te voorkomen.

    Gisteren kreeg mijn fiets een onderhoudsbeurt.

    Dat is te merken. Het fietst een stuk plezieriger.

    Mijn lichaam ging daarvoor door een CT-scan. En nu vraag ik mij af of mijn lijf ook een onderhoudsbeurt kan gebruiken.

    PS: interessant verslag van jullie museum bezoek. Ik ben daar nog nooit geweest.

    Sterkte met jouw herstel en komende wandel uitstapjes.

    Bemoedigende groet,

  2. Ha Rob, het museumpark is beslist een aanrader. Het Depot, Boymans (wordt verbouwd ) De Kunsthal en het Natuurhistorisch museum op loopafstand van elkaar. En prima te bereiken. Zag er flink tegenop; parkeren in 010 is geen sinecure! Vond echter snel een fijne plek in de parkeergarage, op twee minuten lopen van het museum.

    Bracht de ct-scan uitsluitsel ? Is het verstandig om op korte termijn je olie te laten verversen?

    Groet, Han

    1. Doorsmeren en olie verversen?

      Er zijn nog wat meer onderzoeken te doen.

      Ik wacht de diagnose en eventuele oplossing rustig af.

      Een uitstapje naar Rotterdam? Misschien in de toekomst? Er is genoeg moois te zien.

      Zonnige groet,

Geef een reactie op openruimte Reactie annuleren