Leef elke dag alsof het opzettelijk is

Mijn naam is Han de Jonge. Ik ben geboren in Schiedam, een stad die je niet kiest maar waar je toevallig opduikt, zoals een gedachte die je niet begrijpt maar waar je toch aan vast blijft zitten. Ik werd in 1959 de wereld ingeworpen, zoals Heidegger dat zo charmant noemt en ben sindsdien bezig met voorzichtig landen.

Ooit dacht ik dat ik mensen kon helpen door aan hun spieren te trekken. Fysiotherapeut, noemden ze dat. Later ontdekte ik dat het niet het lijf was dat vastzat, maar het systeem. En dat systemen zich niet laten kneden, alleen beluisteren. Dus werd ik onderwijzer, schoolleider, meedenker, meeleider, meeloper en soms ook dwarsligger. Niet uit kwaadheid, maar uit hoop.

Ik specialiseerde me in dingen die je niet kunt uitleggen op verjaardagen: systemisch werk, transactionele analyse, dienend leiderschap, organisatie-opstellingen. Het klinkt als esoterie voor gevorderden, maar in feite draait het allemaal om één simpele vraag: wie hoort waar en wat gebeurt er als je die plek inneemt? De rest is ruis.

Naast mijn werk schreef ik. Straatkrantcolumns. Korte verhalen. Een boekje over de bouwcoördinator, dat leest als een handleiding voor mensen die weten dat er geen handleiding is. Schrijven is wat ik doe als het denken te veel lawaai maakt. Of als de boemerang weer eens is blijven liggen in het natte gras en ik niet meer weet wat ik daar eigenlijk deed.

Ik ben vader van vier kinderen. Schaak met wisselend succes. Maak muziek met meer liefde dan talent. En ik geloof heilig in de tien-minuten-wandeling: een korte verplaatsing waarin je jezelf telkens opnieuw tegenkomt, met alle twijfel, hoop, zwaarte en lichtheid van een mensenleven samengeperst in zeshonderd stappen.

Dit blog is mijn open ruimte. Geen leerstoel, geen lessen. Alleen een man die denkt, leest, struikelt, schrijft. Niet om de wereld te verklaren, maar om haar te bevragen zoals je een dichte deur bevragen kunt: met de hand op de klink en een hoofd vol verhalen.

Welkom. Maar weet: alles wat je hier leest, is waar, behalve het deel dat ik verzonnen heb en dat is meestal het belangrijkste.